- Aftrek onderhoudsgeld zakt: 70% (aj. 2026) → 60% (aj. 2027) → 50% (aj. 2028).
- Fiscaal co-ouderschap (art. 132bis WIB) splitst de toeslag belastingvrije som tussen beide ouders.
- Combineren van art. 132bis en art. 104, 5° WIB voor dezelfde kinderen is uitgesloten.
- Bij feitelijke scheiding: codes 1002 en 1018 in vak II, A, 1; melden binnen 30 dagen.
- Ex-partners blijven hoofdelijk aansprakelijk voor belastingschulden uit het huwelijk.
- EOT: €599 + 21% BTW (= €724,79 incl.), +€100 module kinderen, +€100 module woning (excl. BTW).
Fiscale impact van scheiding: wat verandert er concreet?
De fiscale gevolgen van een scheiding zitten meestal in vijf grote blokken:
- uw belastingaangifte in het jaar van en na de feitelijke scheiding;
- de fiscale behandeling van onderhoudsgeld;
- de keuze tussen kinderen ten laste of fiscaal co-ouderschap;
- de woning: woonbonus, hypotheekrente en verdeeltaks;
- oude of gemeenschappelijke belastingschulden.
De belangrijkste recente wijziging is de afbouw van de fiscale aftrek van onderhoudsgeld. Wat vroeger jarenlang 80% aftrekbaar was, is dat niet meer. Voor uw aangifte in 2026 en later gelden lagere percentages. Daardoor wordt in sommige dossiers fiscaal co-ouderschap relatief interessanter dan vroeger.
Deze pagina focust bewust op de fiscale dimensie. Voor de berekening van onderhoudsgeld zelf verwijzen wij naar alimentatie. Voor verblijf en co-ouderschap verwijzen wij naar ouderschap en kindregeling. Voor de woningmechaniek vindt u meer detail op woning.
Aftrek van betaald onderhoudsgeld — 60% in 2026 (van 80% in 2024)
Betaalt u onderhoudsgeld aan uw ex-partner of voor uw kinderen? Dan is de eerste vraag meestal: hoeveel is nog aftrekbaar? De oude 80%-regel geldt niet meer onverkort.
De wettelijke basis voor de aftrek bij de betaler staat in art. 104, 5° WIB 1992. De belasting van ontvangen onderhoudsgeld bij de ontvanger volgt onder meer uit art. 171, 5° WIB 1992.
Phase-out van de aftrek: de huidige percentages
| Inkomstenjaar | Aanslagjaar | Aftrekbaar bij betaler | Belastbaar bij ontvanger |
|---|---|---|---|
| 2024 | 2025 | 80% | 80% |
| 2025 | 2026 | 70% | 70% |
| 2026 | 2027 | 60% | 60% |
| 2027 en later | 2028 en later | 50% | 50% |
Concreet betekent dit:
- voor aanslagjaar 2026 (inkomsten 2025) is nog 70% aftrekbaar;
- voor aanslagjaar 2027 (inkomsten 2026) is nog 60% aftrekbaar;
- vanaf aanslagjaar 2028 is dat nog 50%.
De regeling geldt zowel voor partneralimentatie als voor onderhoudsgeld voor kinderen, zolang aan de wettelijke voorwaarden voldaan is.
Wanneer is onderhoudsgeld fiscaal aftrekbaar?
Volgens art. 104, 5° WIB 1992 en de toelichting van FOD Financiën moet het gaan om betalingen die:
- steunen op een wettelijke onderhoudsverplichting;
- regelmatig en periodiek betaald worden;
- daadwerkelijk uitgevoerd worden zoals overeengekomen of opgelegd;
- betaald worden aan iemand die geen deel uitmaakt van uw gezin;
- voldoende bewijsbaar zijn, bijvoorbeeld via bankoverschrijving.
Wie cash betaalt zonder spoor, loopt dus een reëel risico dat de fiscus de aftrek weigert.
Belangrijke nieuwe beperking: buiten de EER
Sinds 1 januari 2025 is onderhoudsgeld aan een begunstigde buiten de Europese Economische Ruimte in principe niet meer aftrekbaar. Woont de ontvanger buiten de EER, dan moet u extra waakzaam zijn.
Welke codes gebruikt u op uw aangifte?
- Betaler: onderhoudsgeld komt op de aangifte in vak VI onder de rubriek voor onderhoudsuitkeringen.
- Ontvanger: ontvangen onderhoudsgeld wordt aangegeven in vak VII.
U vult altijd het volledige betaalde bedrag in; de fiscus berekent zelf het correcte percentage (bijvoorbeeld 60%). De precieze vakcodes kunnen per aanslagjaar wijzigen — controleer daarom altijd de officiële toelichting van Tax-on-web of FOD Financiën.
Wat vaak misloopt
Een klassieke fout is dat de betaler correct aftrekt, maar de ontvanger het bedrag niet aangeeft. Dan ziet de fiscus een mismatch, en dat kan ertoe leiden dat de aftrek bij de betaler wordt geweigerd. Die cascade-fout komt vaker voor dan veel mensen denken.
Afkoop in kapitaal + advocaatkosten
Betaalt u geen periodiek onderhoudsgeld, maar een afkoopsom in kapitaal? Dan geldt niet automatisch dezelfde 60%- of 70%-logica — voor afkoop in kapitaal speelt een apart fiscaal regime. Advocaatkosten voor een familiale procedure zijn privé-uitgaven, geen beroepskosten — dus niet fiscaal aftrekbaar. Voor de berekening van alimentatiebedragen zelf (Hobin-methode) verwijzen wij naar alimentatie.
Fiscaal co-ouderschap — art. 132bis WIB 1992
Door de daling van de alimentatie-aftrek (richting 50%) wordt een ander fiscaal mechanisme steeds interessanter: het fiscaal co-ouderschap. Vooral bij een verblijfsregeling waarbij de kinderen ongeveer evenveel tijd bij beide ouders doorbrengen, is dit vaak de financieel slimste keuze.
Hoe werkt fiscaal co-ouderschap?
Normaal zijn kinderen fiscaal ten laste van één ouder. Die ouder krijgt de volledige toeslag op de belastingvrije som volgens art. 127 tot 131 WIB 1992.
Bij fiscaal co-ouderschap wordt die verhoging voor de gemeenschappelijke kinderen gesplitst tussen beide ouders. Dat is geen aparte vorm van gezag of verblijf, maar een zuiver fiscale regeling. Voor de bredere context van co-ouderschap verwijzen wij naar ouderschap.
Voorwaarden voor fiscaal co-ouderschap
Om art. 132bis WIB 1992 te kunnen toepassen, moet aan vijf voorwaarden voldaan zijn:
- er is gelijkmatig verdeelde huisvesting van de kinderen (door rechter vastgesteld of in geregistreerde overeenkomst);
- het gaat om gemeenschappelijke kinderen (niet pluskinderen);
- beide ouders dragen bij in het onderhoud;
- de overeenkomst vermeldt uitdrukkelijk dat de huisvesting gelijkmatig is én dat beide ouders bereid zijn de verhoging belastingvrije som te delen;
- de situatie op 1 januari van het aanslagjaar is bepalend.
Dat laatste is cruciaal. Zoals vaak in fiscale materies kijkt de fiscus naar de toestand op 1 januari.
Hoe vraagt u fiscaal co-ouderschap aan?
Als dit correct is opgenomen in uw EOT-overeenkomst of vonnis, hoeft u vaak enkel de juiste codes op uw belastingaangifte aan te vinken. Heeft u geen vonnis maar bent u (als niet-gehuwden) in onderling overleg tot een gelijkmatige verblijfsregeling gekomen? Dan kunt u een modeldocument van FOD Financiën invullen en dit gratis registreren via MyMinfin of per post. In veel dossiers wordt de regeling daarna automatisch verwerkt in Tax-on-web.
Wie een EOT opstelt, doet er goed aan dit meteen correct te laten opnemen. Dat vermijdt latere discussies over kinderen ten laste, bedrijfsvoorheffing en aangiften.
Voordelen — concrete cijfers en simulatie
Het voordeel zit in de verhoging van uw belastingvrije som. Voor aanslagjaar 2026 bedraagt de aanvullende belastingvrije som €1.980 (1 kind), €5.110 (2 kinderen), €11.440 (3) of €18.510 (4). Bij fiscaal co-ouderschap wordt de toeslag per kind in twee gelijke helften over beide ouders verdeeld — voor 1 kind dus €990 per ouder.
Omdat de Belgische personenbelasting progressief is, is het voordeel groter naarmate u meer verdient. Een indicatief rekenvoorbeeld voor 2 gemeenschappelijke kinderen in fiscaal co-ouderschap:
| Bruto jaarinkomen per ouder | Indicatief netto voordeel per jaar (bij 2 kinderen) |
|---|---|
| € 40.000 bruto | ca. € 750 - € 900 |
| € 60.000 bruto | ca. € 1.000 - € 1.200 |
| € 80.000 bruto | ca. € 1.300 - € 1.500+ |
Een simulatie vóór ondertekening van uw akkoord is dus vaak zinvol.
Nadelen + belangrijke uitsluiting (art. 132bis vs. art. 104)
Het grootste nadeel is een harde wettelijke beperking: wie kiest voor fiscaal co-ouderschap mag géén onderhoudsgeld-aftrek meer claimen voor diezelfde kinderen in hetzelfde inkomstenjaar. De combinatie van art. 132bis WIB 1992 en art. 104, 5° WIB 1992 is uitgesloten voor dezelfde kinderen en periode.
Dat maakt de keuze strategisch. Vroeger, toen 80% onderhoudsgeld aftrekbaar was, viel die afweging vaak anders uit. Nu de aftrek stapsgewijs daalt naar 60% en vervolgens 50%, kantelt de balans steeds vaker in het voordeel van fiscaal co-ouderschap.
Geldt fiscaal co-ouderschap ook voor niet-gehuwden?
Ja. Ook ouders die niet gehuwd zijn, kunnen fiscaal co-ouderschap toepassen, zolang de wettelijke voorwaarden vervuld zijn: gelijkmatig verdeelde huisvesting, gemeenschappelijke kinderen en een correct vastgelegde of geregistreerde regeling.
Belangrijke uitzondering: birdnesting
Bij birdnesting blijven de kinderen permanent in de gezinswoning (het "nest") en wisselen de ouders elkaar daar af. Juridisch klinkt dat soms als gedeeld verblijf, maar fiscaal is er een probleem: de kinderen hebben feitelijk maar één domicilie en verblijfplaats. De fiscus oordeelt dat de huisvesting van de kinderen in dit scenario niet "verdeeld is over twee ouderlijke huishoudens". Daarom is fiscaal co-ouderschap in de zin van art. 132bis WIB 1992 niet mogelijk bij birdnesting.
Uw belastingaangifte het jaar van scheiding
Veel verwarring ontstaat omdat mensen kijken naar de datum van de scheiding zelf, terwijl de fiscus vertrekt van de toestand op 1 januari van het aanslagjaar. Dat is de basisregel die FOD Financiën hanteert.
1. Inkomstenjaar van de feitelijke scheiding
Wordt u in de loop van het jaar feitelijk gescheiden, dan is voor dat inkomstenjaar in principe nog sprake van een gezamenlijke fiscale context. In de praktijk kan Tax-on-web de aangifte automatisch splitsen wanneer de feitelijke scheiding correct geregistreerd is in de burgerlijke stand van uw gemeente. De administratie verwerkt het dossier doorgaans pas nadat beide aangiften zijn ingediend.
2. Nog gehuwd, maar niet meer samenwonend
Bent u nog juridisch gehuwd, maar woont u niet meer samen? Dan dient u in het jaar na de feitelijke scheiding een afzonderlijke aangifte in. U bent fiscaal ontkoppeld, ook al bent u juridisch nog niet uit de echt gescheiden.
3. Echtscheiding is overgeschreven in de registers
Wanneer de echtscheiding is overgeschreven in de registers van de burgerlijke stand, dan bent u vanaf het daaropvolgende kalenderjaar fiscaal sowieso apart belast.
Welke codes zijn belangrijk?
Bij feitelijke scheiding zijn vooral de codes onder vak II, A, 1 relevant:
- code 1002
- code 1018
Deze codes worden door FOD Financiën expliciet genoemd voor de aanduiding van de feitelijke scheiding. Controleer wel steeds de toelichting van het betrokken aanslagjaar. Vergeet bovendien niet uw wijziging in burgerlijke staat binnen de 30 dagen door te geven via MyMinfin.
Domicilie van de kinderen + praktische tip
Zonder fiscaal co-ouderschap is het kind fiscaal ten laste van de ouder bij wie het officieel gedomicilieerd is. Bij art. 132bis WIB wordt die logica doorbroken door de gedeelde toeslag.
Alleenstaande met kinderen ten laste — extra belastingvrije som
Bent u na de scheiding feitelijk alleenstaand en hebt u één of meer kinderen fiscaal ten laste? Dan komt u in aanmerking voor een extra verhoging van de belastingvrije som. De wettelijke basis ligt in art. 132 en art. 133 WIB 1992.
Voor aanslagjaar 2026 bedraagt deze extra toeslag voor een alleenstaande ouder €1.980.
De voorwaarden zijn in de kern:
- u bent fiscaal alleenstaand (u woont met niemand anders dan uw kinderen of personen ten laste);
- de kinderen zijn daadwerkelijk ten laste en bij u gedomicilieerd;
- de regeling is combineerbaar met onderhoudsgeld dat de andere ouder betaalt — u wordt niet "gestraft" omdat uw ex alimentatie betaalt;
- bij fiscaal co-ouderschap wordt ook deze toeslag voor de gemeenschappelijke kinderen gesplitst.
Woning fiscaal: woonbonus, hypotheekrente en notariskosten
Bij een scheiding is de woning vaak het grootste vermogens- én fiscale dossier. Hier beperken wij ons tot de fiscale hoofdlijnen. Voor de volledige uitkoop- en woningmechaniek verwijzen wij naar woning.
1% verdeeltaks Vlaanderen
In Vlaanderen geldt bij de verdeling van een onverdeeldheid tussen ex-partners (gehuwden en wettelijk samenwonenden) het verlaagde 1% verdeelrecht ("verdeeltaks" of "miserietaks"). Dat is fiscaal aanzienlijk gunstiger dan een gewone verkoop. (1% bij echtscheiding; 2,5% = Vlaams algemeen tarief)
Woonbonus na scheiding
De Vlaamse woonbonus is afgeschaft voor nieuwe leningen vanaf 1 januari 2020. Voor oudere leningen kunnen bestaande rechten doorlopen, op voorwaarde dat de fiscale en contractuele voorwaarden vervuld blijven. Bij overname van de woning moet dus nagegaan worden wie de lening nog betaalt en wie de fiscale korf nog kan benutten. (blijft behouden voor bestaande pre-2020-leningen bij overname)
De vertrekker die mee blijft afbetalen
Wie de gezinswoning verlaat maar nog mee de hypotheek afbetaalt, vraagt zich af of hij of zij de fiscale voordelen behoudt. Anders dan in Nederland kent België geen specifieke "tweejaarsregel" voor de vertrekkende partner. In België volgen de fiscale voordelen de lening en het gewestelijke regime: wie een bestaande pre-2020-lening (mee) blijft afbetalen, kan de daaraan verbonden voordelen behouden voor zover de contractuele en fiscale voorwaarden vervuld blijven. De regels verschillen per gewest en per type lening, dus laat uw concrete situatie altijd toetsen.
Mythe: Notariskosten zijn fiscaal aftrekbaar
Dit is een hardnekkige fabel. De notariskosten, het ereloon en de aktekosten voor de akte van verdeling zijn beschouwd als privé-uitgaven en zijn niet fiscaal aftrekbaar in de personenbelasting. Wat wel fiscaal speelt, is het registratierecht of verdeelrecht (de 1% verdeeltaks).
Wie krijgt de aftrek als één partner blijft?
Blijft één ouder in de woning en neemt die ouder de volledige hypotheek over, dan verschuift ook de fiscale aftrek in die richting — voor zover het betrokken fiscale regime nog bestaat en de voorwaarden vervuld blijven.
Voor detail over uitkoop, overname van de lening en de impact op de woning verwijzen wij naar woning.
Hoofdelijke aansprakelijkheid voor belastingschulden uit het huwelijk
Een vaak onderschat probleem: gehuwden en wettelijk samenwonenden zijn ten aanzien van FOD Financiën hoofdelijk aansprakelijk voor elkaars belastingschulden. Dit geldt ongeacht uw huwelijksvermogensstelsel (dus ook bij scheiding van goederen). De fiscus kan voor de volledige schuld bij elke ex-partner afzonderlijk aankloppen.
Interne afspraken binden de fiscus niet
U mag in uw EOT-overeenkomst nog zo stellig opschrijven dat "de man alle openstaande belastingschulden op zich neemt". Dat is een interne afspraak tussen u beiden. Tegenover FOD Financiën is die afspraak op zich niet tegenwerpelijk. Concreet: de FOD kan evengoed beslag leggen op de rekening van de vrouw als de man niet betaalt. U kunt dat bedrag civielrechtelijk wel terugvorderen van uw ex, maar u moet de fiscus eerst betalen.
Jaar van feitelijke scheiding
Voor het jaar van de feitelijke scheiding blijft de gezamenlijke fiscale verstrengeling vaak nog doorwerken. Daardoor kan u voor dat jaar nog mee aangesproken worden.
Vanaf het tweede jaar na feitelijke scheiding
Vanaf de verdere afzonderlijke fiscale behandeling wordt de schuld in principe geïndividualiseerd. Toch blijft het belangrijk om oude aanslagen, supplementen en controles apart te bekijken.
Ontheffing van hoofdelijke aansprakelijkheid aanvragen
In bepaalde gevallen kan u bij de fiscus een ontheffing van hoofdelijke aansprakelijkheid vragen. Dat is vooral relevant wanneer u kunt aantonen dat:
- u geen kennis had van de schuld of de fraude;
- de andere partner de schuld alleen heeft veroorzaakt (bv. frauduleuze inkomsten uit een eenmanszaak);
- het onredelijk zou zijn u voor het geheel aan te spreken.
Een dergelijke aanvraag moet goed onderbouwd worden.
Belastingteruggave in het jaar van scheiding
Ook een belastingteruggave kan discussie geven. Vaak wordt die verdeeld volgens de fiscale toerekening van de inkomsten, tenzij u daarover in de EOT-overeenkomst duidelijke afspraken maakt.
Vergeet uw verzekeringen en pensioensparen niet
De scheiding is vaak geregeld op papier, maar niet in uw verzekeringscontracten. Dat kan zware gevolgen hebben.
Levensverzekering: begunstigingsclausule aanpassen
Bij een levensverzekering of schuldsaldoverzekering blijft een ex-partner vaak gewoon begunstigde, tenzij u die clausule actief laat wijzigen bij uw verzekeraar of bank. Wie dat vergeet, kan na overlijden alsnog geconfronteerd worden met een uitbetaling aan de ex-partner, ondanks de scheiding. Dit gaat niet automatisch.
Pensioensparen en langetermijnsparen
Een contract voor pensioensparen of langetermijnsparen is in principe individueel. Het fiscale voordeel blijft gekoppeld aan de titularis van het contract. In een EOT kan wel afgesproken worden hoe de opgebouwde waarde economisch wordt verrekend in de vermogensregeling.
Groepsverzekering
Bij een groepsverzekering zijn de opgebouwde rechten vaak relevant in de vermogensafwikkeling van het huwelijk — zeker onder wettelijk stelsel of beperkte gemeenschap. Dat is juridisch en actuarieel technischer dan veel mensen denken en hangt sterk af van het huwelijksstelsel; laat dit per dossier beoordelen.
Voor de ruimere pensioenimpact verwijzen wij naar pensioen.
Meest gemaakte fiscale fouten bij scheiding
De duurste fiscale fouten zijn meestal niet complex, maar banaal:
- De oude 80%-regel blijven toepassen terwijl het relevante aanslagjaar al naar 70%, 60% of 50% evolueert;
- Onderhoudsgeld aftrekken zonder voldoende betalingsbewijs (cash zonder spoor);
- Ontvangen onderhoudsgeld niet aangeven, waardoor de aftrek van de betaler onder druk komt — een cascade-fout;
- Fiscaal co-ouderschap niet aanvragen terwijl het netto voordeliger zou zijn;
- Denken dat onderhoudsgeld-aftrek en art. 132bis WIB 1992 samen kunnen voor dezelfde kinderen;
- Vergeten de begunstigingsclausule van uw levensverzekering aan te passen;
- De woonbonus of hypotheekaftrek niet laten herberekenen na woningovername;
- Geen duidelijke clausule opnemen over belastingschulden in de EOT-overeenkomst;
- De wijziging van burgerlijke staat of feitelijke scheiding niet correct laten registreren bij de gemeente;
- Vertrouwen op wat "vorig jaar nog gold" zonder naar het juiste aanslagjaar te kijken.
Praktische tips voor belastingoptimalisatie
- Timing is alles. Het moment waarop u de feitelijke scheiding laat registreren bij de gemeente is cruciaal. Doet u dit in december, dan bent u voor dat hele inkomstenjaar nog fiscaal "samen". Doet u dit begin januari, dan vult u voor dat nieuwe inkomstenjaar in het jaar nadien elk apart een aangifte in.
- Simuleer vóór ondertekening. Teken nooit een EOT-overeenkomst zonder eerst de fiscale balans te maken. Laat berekenen of de 60%-aftrek van onderhoudsgeld meer of minder oplevert dan fiscaal co-ouderschap.
- Controleer uw codes vóór indiening. Vooral voor feitelijke scheiding (codes 1002 + 1018), onderhoudsgeld (vak VI / VII) en kinderen ten laste.
Wie zijn akkoord eerst juridisch sluit en pas daarna fiscaal bekijkt, moet achteraf vaak herstellen wat perfect op voorhand vermeden kon worden.
Onze fiscale begeleiding bij echtscheiding
Bij Echtscheidingshulp.be bekijken wij uw scheiding niet alleen juridisch, maar ook fiscaal praktisch. In een goed EOT-dossier moeten afspraken over kinderen, onderhoudsgeld, woning en schulden niet alleen onderling eerlijk zijn, maar ook fiscaal werkbaar.
Wij helpen u onder meer met:
- de correcte verwerking van onderhoudsgeld (60%-regel + vakcodes);
- de keuze tussen fiscaal co-ouderschap (art. 132bis WIB) en klassieke tenlasteneming;
- de fiscale impact van de woningverdeling (verdeeltaks, woonbonus, scheidingsregel);
- afspraken over belastingschulden en hoofdelijke aansprakelijkheid;
- het opstellen van een EOT-overeenkomst vanaf €599 + 21% BTW per koppel (= €724,79 incl.), met modules kinderen (+€100 excl. BTW) en woning (+€100 excl. BTW).