- U hebt 4 opties: verkopen, uitkopen, onverdeeld blijven of verhuren.
- Verdeeltaks: 1% voor gehuwden en wettelijk samenwonenden — 2,5% voor feitelijk samenwonenden.
- Uitkoopsom = (marktwaarde − openstaande hypotheek) × eigendomsaandeel van de vertrekker. Bewijsbare eigen inbreng eerst verrekenen.
- Sinds Cassatie 20 september 2013 geldt de 5-jaar-grens niet voor vrijwillige onverdeeldheid na scheiding.
- Zonder schriftelijke desolidarisatie door de bank blijft u hoofdelijk aansprakelijk én blijft uw leencapaciteit geblokkeerd.
- Mythe: “wie het huis verlaat, verliest zijn rechten” — onjuist (art. 215 B.W.).
- Regel de woning juridisch sluitend via EOT vanaf €499 excl. BTW.
De gezinswoning bij scheiding: uw 4 opties in één oogopslag
Wanneer u en uw partner uit elkaar gaan, moet de gemeenschappelijke eigendom van de woning ontbonden of geregeld worden. De juiste keuze hangt af van drie praktische vragen: kan één partner de woning alleen financieren, is er voldoende akkoord tussen u beiden, en wilt u snel financiële duidelijkheid of net tijd kopen?
| Optie | Geschikt wanneer u… | Directe kosten | Timing | Fiscale impact | Hoofdrisico |
|---|---|---|---|---|---|
| 1. Verkopen | …beiden een schone lei wilt of de hypotheek alleen niet draagbaar is | Makelaarskosten (2-3%), evt. wederbeleggingsvergoeding bank (max. 3 maanden rente) | 3 tot 6 maanden | Geen meerwaardebelasting op de gezinswoning | Prijsconflict of tegenvallende marktwaarde |
| 2. Uitkopen | …één partner in de woning wil blijven én dit alleen kan dragen | Notariskosten akte van verdeling, schatting, verdeeltaks, herfinanciering | 2 tot 4 maanden | Verdeeltaks 1% (gehuwd/wettelijk); 2,5% (feitelijk samenwonend) | Bank weigert herfinanciering |
| 3. Onverdeeldheid | …de markt slecht is, of u stabiliteit voor de kinderen zoekt | Beperkt; onverdeeldheidsakte en lopende lasten | Direct; looptijd zelf te bepalen (ook onbepaald, Cass 2013) | Hypotheekrenteaftrek vertrekker vervalt in principe na 2 jaar | Gezamenlijk financieel verbonden blijven |
| 4. Verhuren | …een overbruggingsperiode zoekt en niemand erin blijft wonen | Beheer, verzekeringen, onderhoud, onroerende voorheffing | Direct op te starten | Huurinkomsten onder gebruikelijke regels | Leegstand, wanbetalers, herstellingen |
Wie de woning krijgt, kan in sommige dossiers ook een **woonvoordeel** hebben dat meespeelt in de berekening van de onderhoudsbijdrage. De systematiek daarvan (Methode Hobin) hoort thuis op onze pagina over alimentatie.
Optie 1: Verkoop van de woning
Verkoop is de meest definitieve oplossing. U zet de woning op de markt, lost de openstaande hypotheek af en verdeelt de netto-opbrengst volgens uw eigendomsrechten en eventuele vergoedingsrechten. Voor veel koppels is dat de eenvoudigste manier om snel een financieel schone lei te maken.
De basisregels zijn eenvoudig:
- de woning wordt verkocht aan een derde;
- de hypothecaire lening wordt met de verkoopprijs eerst afgelost;
- wat overblijft, is de netto-overwaarde;
- die wordt verdeeld volgens uw rechten in de woning;
- makelaars- en attestkosten worden meestal vooraf in mindering gebracht.
Een doorgerekend voorbeeld. U verkoopt de woning voor €350.000. De resterende hypotheek bedraagt €180.000. Makelaarskosten en attesten samen bedragen €8.000. Dan blijft €162.000 netto over. Bent u elk voor de helft eigenaar en zijn er geen bijzondere vergoedingsrechten, dan ontvangt ieder €81.000.
Verkoop is vaak de beste optie als:
- geen van beiden de woning alleen kan financieren;
- de relatie te conflictueus is om nog samen eigenaar te blijven;
- de woning anders “onder water” dreigt te staan bij verdere vertraging;
- er snel liquiditeit nodig is voor twee nieuwe woonoplossingen;
- u fiscale of bancaire discussies wilt vermijden.
Een verkoop neemt in de praktijk vaak 3 tot 6 maanden in beslag, afhankelijk van de markt, de vraagprijs en de medewerking van beide partners. Bij een lopende hypotheek kan de bank bovendien een wederbeleggingsvergoeding vragen, in principe beperkt tot maximaal drie maanden interest op het vervroegd terugbetaalde kapitaal. Omdat het over de gezinswoning gaat, betaalt u in principe geen meerwaardebelasting, ongeacht hoe lang u het pand al in bezit had.
Als uw partner niet meewerkt aan de verkoop
Dat is een vaak voorkomend probleem. De juiste volgorde is dan meestal deze:
-
1
1. Bemiddeling
Een familiale bemiddelaar is vaak sneller en goedkoper dan meteen procederen. -
2
2. Voorlopige maatregelen via de familierechtbank
Op basis van art. 223 B.W. kan de rechter dringende maatregelen nemen tussen echtgenoten, bijvoorbeeld over het tijdelijk gebruik van de woning. -
3
3. Vereffening-verdeling via notaris
Als u niet akkoord raakt, kan de familierechtbank een notaris-vereffenaar aanstellen om de verdeling te organiseren. -
4
4. Uitonverdeeldheidtreding (art. 815 B.W.)
Niemand kan worden gedwongen in onverdeeldheid te blijven. Uiteindelijk kan de rechter de verdeling of verkoop bevelen. -
5
5. Openbare verkoop
Als een onderhandse verkoop blokkeert, kan een openbare verkoop volgen, vandaag vaak via Biddit.be, het online platform van het notariaat.
Belangrijk: uw ex kan de verkoop vertragen, maar niet eindeloos blokkeren. Lees ook meer over verkoop bij conflict en gedwongen verkoop.
Optie 2: Uitkopen van uw partner
Bij een uitkoop neemt één partner de woning volledig over. Dat betekent twee dingen tegelijk: u verwerft het eigendomsdeel van uw ex-partner én u moet de hypotheek op eigen naam kunnen dragen. Juridisch gebeurt dat via een akte van verdeling bij de notaris; financieel via herfinanciering of hypotheekovername.
De basisformule voor de uitkoopsom is:
Standaardvoorbeeld uitkoopsom
- Marktwaarde woning: €350.000
- Resterende hypotheek: €180.000
- Netto-waarde: €170.000
- Eigendom: 50/50
Dan is de uitkoopsom: €170.000 ÷ 2 = €85.000.
Maar daar stopt het niet. De overnemer betaalt meestal ook nog:
- verdeeltaks in Vlaanderen: 1% op de totale waarde van het verdeelde onroerend goed → €3.500
- notariskosten akte van verdeling: ongeveer €2.500 tot €3.500
- schatting: ongeveer €200 tot €400
De totale cashbehoefte voor de overnemer ligt in dit voorbeeld dus niet op €85.000, maar eerder rond €85.000 + €3.500 + €3.000 + €300 = ongeveer €91.800. Daar bovenop kan nog een herfinancieringskost of dossierkost bij de bank komen.
Voorbeeld met eigen inbreng
Stel dat één partner bij de aankoop €50.000 eigen middelen heeft ingebracht en dat die inbreng bewijsbaar is (notariële akte met clausule van wederbelegging, bankafschriften, schenkingsakte van ouders). Dan wordt die inbreng in principe eerst verrekend vóór de rest 50/50 wordt verdeeld.
- Marktwaarde woning: €350.000
- Hypotheekrest: €180.000
- Netto-waarde: €170.000
- Bewijsbare eigen inbreng partner A: €50.000
Dan blijft voor verdeling over: €170.000 − €50.000 = €120.000. Die €120.000 wordt 50/50 verdeeld:
- partner A: €60.000 + eigen inbreng €50.000 = €110.000
- partner B: €60.000
In dat scenario bedraagt de uitkoopsom voor partner A aan partner B dus €60.000, niet €85.000. Dat verschil is aanzienlijk. Daarom mag u nooit zomaar uitgaan van “alles is 50/50” zonder na te gaan of er eigen inbreng, schenkingen van ouders of een vergoedingsrekening speelt.
Wat als de bank de herfinanciering weigert?
De juridische wens om de woning over te nemen is niet genoeg. De bank kijkt naar uw terugbetalingscapaciteit. In de praktijk hanteren banken vaak als richtlijn dat uw totale woonlast tussen 33% en 40% van uw netto-inkomen blijft, met 33% als comfortzone en 40% als bovengrens voor sterke dossiers.
Voorbeeld: verdient u netto €2.900 per maand, dan ziet een bank een maandlast van ongeveer €950 vaak nog als haalbaar. Zit de nieuwe lening op €1.250, dan stijgt het risico op weigering.
Mogelijke alternatieven:
- extra eigen inbreng voorzien;
- ouders als borgsteller laten optreden;
- een tweede rang hypotheek of aanvullende waarborg onderzoeken;
- de looptijd verlengen;
- een kredietmakelaar inschakelen;
- als niets haalbaar is: terugvallen op verkoop.
Een uitkoop slaagt pas volledig wanneer ook de bank akkoord gaat met de **desolidarisatie** van de vertrekkende partner. Meer daarover leest u op uitkopen, hypotheek overnemen en uitkoop berekenen.
De verdeeltaks: 1% in Vlaanderen, behalve voor feitelijk samenwonenden
Wanneer één partner de eigendomsrechten van de andere overneemt, betaalt u geen klassieke verkooprechten (3% of 12%, afhankelijk van het gewest en het soort woning), maar een verdeeltaks of verdeelrecht. In Vlaanderen bedraagt die in veel scheidingsdossiers 1%, geregeld in Vl. Codex Fiscaliteit art. 2.10.4.0.1. In de volksmond wordt dat ook de miserietaks genoemd.
Belangrijk: dat percentage wordt berekend op de totale waarde van het verdeelde goed, niet alleen op het deel dat u bijkoopt.
Matrix 2026: samenlevingsvorm × regio
| Samenlevingsvorm | Vlaanderen | Brussel | Wallonië | Voorwaarde voor gunsttarief |
|---|---|---|---|---|
| Gehuwd | 1% | 1% | 1% bij echtscheiding (2,5% = Vlaams algemeen tarief) | Verdeling volgt na of door echtscheiding of scheiding van tafel en bed |
| Wettelijk samenwonend | 1% | 1% | 1% | Wettelijke samenwoning minstens 1 jaar ononderbroken, verdeling binnen 3 jaar na beëindiging |
| Feitelijk samenwonend | 2,5% | 2,5% | 2,5% | Komt nooit in aanmerking voor het 1%-gunsttarief |
Concreet voorbeeld in Vlaanderen — woningwaarde €350.000: gehuwd betaalt €3.500 (1%), feitelijk samenwonend €8.750 (2,5%). Dat verschil van €5.250 maakt soms het verschil tussen een haalbare en een onhaalbare uitkoop.
Notariskosten en akte van verdeling
Wie een woning overneemt na scheiding, moet daarvoor bijna altijd langs de notaris. De notariële akte die de eigendomsoverdracht vastlegt, heet de akte van verdeling. Dat is niet hetzelfde als een gewone verkoopakte aan een derde. De akte van verdeling bevestigt dat het onverdeelde goed voortaan aan één partij toebehoort en zorgt ervoor dat uw ex-partner officieel uit de registers van het Kadaster en het kantoor Rechtszekerheid wordt geschrapt.
Die akte is belangrijk omdat ze:
- de eigendomsoverdracht juridisch vastlegt;
- de verdeling registreert;
- nodig is voor de hypotheekaanpassing of herinschrijving;
- discussies achteraf voorkomt.
Wie betaalt de notariskosten?
In de praktijk betaalt meestal de partner die de woning overneemt. Maar dat is geen absolute regel: in een EOT-overeenkomst kunt u daar anders over afspreken. Bijvoorbeeld 50/50, of volledige tenlasteneming door de overnemer in ruil voor een lagere uitkoopsom.
Hoeveel bedragen die kosten in 2026?
Voor een doorsnee gezinswoning komt u voor een akte van verdeling vaak uit op een totale grootteorde van ongeveer €2.000 tot €4.000, afhankelijk van de woningwaarde, het dossier en de bijkomende aktekosten. In dat totaal zitten doorgaans:
- notarieel ereloon;
- administratieve aktekosten;
- opzoekingen;
- registratie van de akte;
- soms bijkomende hypotheekformaliteiten.
De verdeeltaks (1% of 2,5%) staat hier los van — die wordt door de notaris doorgestort aan de overheid.
Zijn die kosten fiscaal aftrekbaar?
Een hardnekkig misverstand is dat notariskosten van een akte van verdeling aftrekbaar zouden zijn in de personenbelasting als woonkost. Dat is in principe niet zo. U mag die kosten dus niet zomaar inschatten als een fiscale meevaller.
Voor een volledige kostenraming leest u best ook onze pagina over uitkoop berekenen.
Optie 3: Tijdelijk of onbepaald onverdeeld blijven
Bij onverdeeldheid blijft u beiden mede-eigenaar van de woning, ook al bent u uit elkaar. Dat kan tijdelijk zijn, maar ook voor langere of zelfs onbepaalde duur. Vaak kiest men daarvoor als de kinderen nog thuis wonen, de bank een onmiddellijke uitkoop niet toelaat, of de markt op dat moment ongunstig is.
Goede afspraken zijn dan onmisbaar, minstens over:
- wie in de woning blijft wonen;
- wie de hypotheek betaalt;
- wie instaat voor onderhoud en herstellingen;
- wanneer de regeling eindigt;
- hoe één van beiden later kan uitstappen.
Hoe lang mag onverdeeldheid duren? (Cass 2013)
De oude stelling dat onverdeeldheid na scheiding “maar 1 tot 5 jaar” mag duren, klopt niet als algemene regel. Art. 815 oud B.W. bevat wel een 5-jaar-logica voor toevallige onverdeeldheid (bijvoorbeeld na een nalatenschap), maar volgens Cassatie van 20 september 2013 (bevestigd door Cass. 6 maart 2014) geldt die beperking niet voor vrijwillige onverdeeldheid tussen ex-partners na scheiding. U kunt dus vrij afspreken:
- 1 jaar;
- 12 jaar;
- tot het jongste kind 25 is;
- of zelfs voor onbepaalde duur, liefst met een duidelijke opzegregeling.
Dat is een belangrijke actualisering voor wie stabiliteit zoekt.
Woonvergoeding voor de blijver
Blijft één partner alleen in de woning wonen terwijl u beiden eigenaar blijft, dan kan een woonvergoeding verschuldigd zijn aan de andere partner. In de rechtspraak wordt vaak gekeken naar ongeveer 50% van de geschatte objectieve huurwaarde van de woning, al hangt dat af van afspraken, hypotheekbijdragen en concrete rechtspraak.
Voorbeeld: geschatte markthuur €1.000/maand. Dan kan de vertrekkende mede-eigenaar argumenteren dat een woonvergoeding van ongeveer €500/maand redelijk is, eventueel te verrekenen met hypotheeklasten die hij of zij nog mee betaalt.
Let ook op de fiscale impact: voor de partner die vertrekt, kan het voordeel van de eigen woning in de personenbelasting na verloop van tijd wegvallen — vaak na ongeveer 2 jaar onder de zogenaamde scheidingsregel.
Meer leest u op onverdeeldheid en mede-eigendom.
Optie 4: De woning (tijdelijk) verhuren
Verhuren is een onderschatte vierde optie, ook door notaris.be vermeld. Ze is vooral zinvol wanneer niemand in de woning wil of kan blijven wonen, maar onmiddellijke verkoop financieel ongunstig is.
Voordelen:
- de huurinkomsten kunnen (een deel van) de hypotheek opvangen;
- u vermijdt een overhaaste verkoop;
- u koopt tijd om de markt af te wachten.
Nadelen:
- u blijft samen eigenaar en dus samen afhankelijk van elkaar;
- u treedt samen op als verhuurder met alle bijhorende verantwoordelijkheid (brandverzekering, onroerende voorheffing, grote herstellingen);
- er kunnen discussies ontstaan over huurinkomsten, leegstand, schade of herstellingen;
- een latere verkoop met huurder vraagt extra coördinatie.
Als u voor verhuren kiest, leg dan schriftelijk vast wie het beheer doet, hoe de huur verdeeld wordt, wie welke kosten draagt en wanneer de verhuur eindigt. Zonder zulke afspraken wordt verhuren vaak gewoon een conflict in uitgesteld relais.
Hypotheek bij scheiding: desolidarisatie en herfinanciering
De eigendom regelen is één zaak, maar de hypotheek is een tweede dossier. Veel ex-partners denken ten onrechte dat een afspraak in hun echtscheidingsovereenkomst voldoende is om één van beiden van de lening te bevrijden. Dat klopt niet. Zolang de bank geen schriftelijk akkoord geeft, blijft u in principe hoofdelijk aansprakelijk. De hoofdopties zijn: verkoop + aflossing, overname met herfinanciering, behoud tijdens onverdeeldheid, of tijdelijke overgangsafspraken met de bank.
Desolidarisatie stap voor stap
Desolidarisatie (ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid) verloopt meestal zo:
-
1
1. Gezamenlijke aanvraag bij de bank
De overnemer en de vertrekkende partner vragen samen aan de bank om de lening op één naam te zetten. -
2
2. Beoordeling door de bank
De bank onderzoekt inkomen, lasten, kredietscore en waarde van de woning. -
3
3. Notariële akte / kredietaanpassing
Bij akkoord volgt een notariële akte en/of kredietaanpassing. -
4
4. Effectieve uitwerking
De desolidarisatie krijgt in de praktijk pas volle uitwerking nadat de echtscheiding is overgeschreven, zoals ook door banken zoals Belfius wordt benadrukt.
Belangrijk: zelfs als in uw EOT staat dat uw ex “de lening alleen zal betalen”, blijft u tegenover de bank mee aansprakelijk zolang de bank u niet formeel ontslaat. Dat volgt ook uit de uitleg van Wikifin/FSMA. Daar komt nog een vaak vergeten gevolg bij: zolang uw ex niet gedesolidariseerd is, telt de bestaande hypotheek mee in zijn of haar leencapaciteit voor een nieuwe woonst. Doorpakken op de desolidarisatie is dus in beider belang.
Schuldsaldoverzekering aanpassen
Bij een herfinanciering of desolidarisatie moet ook de schuldsaldoverzekering worden herzien. Als de polis nog op twee namen loopt terwijl de lening nog maar op één naam staat, ontstaan er problemen:
- u betaalt mogelijk premie voor een onjuiste dekking;
- de uitkering klopt niet meer met het nieuwe krediet;
- er kan net géén passende dekking meer zijn.
Ook de brandverzekering en eventueel de familiale polis moeten mee worden nagekeken.
Als de bank de herfinanciering weigert
Dat gebeurt vaker dan gedacht, zeker als één inkomen de woning niet kan dragen. Mogelijke alternatieven zijn:
- borgsteller, vaak ouders;
- tweede rang hypotheek of bijkomende zekerheid;
- onderhandelen met een andere bank of via een kredietmakelaar;
- tijdelijk onverdeeld blijven;
- uiteindelijk toch verkopen.
Voor een diepere uitleg leest u ook hypotheek bij scheiding en hypotheek overnemen.
Uw woning laten schatten of waarderen
Een correcte waarde is de basis van elke eerlijke verdeling. Zonder realistische waardebepaling blijft elke uitkoopsom discussiegevoelig.
Er is een nuttig onderscheid tussen drie termen:
- schatting: commerciële inschatting, vaak door een makelaar;
- waardebepaling: formeler document voor onderhandeling of dossieropbouw;
- expertiserapport: verslag van een erkend schatter of gerechtsdeskundige, bruikbaar in een procedure.
Uw opties in 2026:
- online tools (Realo, Immoweb, Zimmo): gratis eerste indicatie, maar juridisch zonder waarde;
- makelaar: vaak gratis, maar hou rekening met een commerciële bias (de makelaar hoopt het pand in portefeuille te krijgen);
- erkend schatter: meestal €200 tot €400, neutraal en bruikbaar in een EOT;
- gerechtsdeskundige: vaak €1.000 tot €2.000, alleen nodig bij zware conflicten via de familierechtbank.
Een praktische aanpak is vaak: eerst 1 à 2 gratis indicaties, daarna één erkende schatting als basis voor akkoord. Bij blijvende discussie kan elke partner een eigen schatter aanstellen en kunt u het gemiddelde nemen van beide rapporten. Bij zwaar conflict kan de rechtbank een expert aanstellen. Meer daarover op schatten.
Eigen inbreng en huis gekocht vóór het huwelijk
Deze vraag wordt vaak te laat gesteld. Wie eigen geld in de woning heeft gestoken, hoeft daar niet automatisch afstand van te doen. Het antwoord hangt wel sterk af van uw huwelijksstelsel.
Gemeenschap van goederen versus scheiding van goederen
Bij een huwelijk onder gemeenschap van goederen kan een woning gemeenschappelijk zijn, terwijl één partner toch een recht op vergoeding heeft omdat hij of zij eigen middelen heeft ingebracht. Dat gebeurt via een vergoedingsrekening of *récompense*. De wettelijke basis is art. 1432 oud B.W., sinds de hervorming van het huwelijksvermogensrecht (Wet 22 juli 2018, in werking 1 september 2018) hernummerd naar art. 2.3.44 nieuw B.W. (Boek 2.3 Relatievermogensrecht).
Bij scheiding van goederen is de analyse anders: dan wordt sterker gekeken naar wie juridisch eigenaar is en welke bedragen aantoonbaar door wie zijn betaald.
Welke bewijsstukken tellen?
Bewijs is cruciaal. Denk aan:
- de notariële akte met een expliciete clausule van wederbelegging (de notaris vermeldt dat de aankoop met eigen gelden gebeurt);
- bankafschriften van de eigen storting;
- geregistreerde schenkingsakten van ouders;
- facturen van renovaties betaald van een eigen, niet-gemeenschappelijke rekening;
- afrekening van een vorige eigen woning ingebracht in de nieuwe aankoop.
Huis gekocht vóór het huwelijk
Kocht één partner de woning al vóór het huwelijk, dan blijft die woning in principe eigen vermogen (art. 1447 B.W.), ook onder gemeenschap van goederen. Maar dat betekent niet dat de andere partner nooit iets kan vorderen. Werden tijdens het huwelijk gemeenschappelijke gelden gebruikt voor afbetalingen of ingrijpende renovaties, dan kan de gemeenschap of de andere partner recht hebben op vergoeding.
Voorbeeld: de woning staat al vóór het huwelijk op naam van partner A. Tijdens het huwelijk worden met gemeenschappelijke inkomsten €60.000 aan kapitaalaflossingen en verbouwingen betaald. Dan kan bij scheiding een vergoedingsvordering ontstaan, ook al blijft de woning zelf juridisch eigen aan partner A.
Praktische regel: laat eigen inbreng en vergoedingen becijferen vóór u een 50/50-akkoord tekent. Zodra een globale verdeling is ondertekend, wordt terugkomen bijzonder moeilijk. Zie ook verbouwingskosten.
Wie blijft in de woning tijdens de scheiding?
Een van de hardnekkigste mythes is: “Wie het huis verlaat, verliest zijn rechten.” Dat is voor gehuwden en wettelijk samenwonenden niet waar. De bescherming van de gezinswoning uit art. 215 B.W. geldt los van de vraag wie feitelijk in de woning blijft wonen.
Met andere woorden: tijdelijk vertrekken uit de woning betekent niet automatisch dat u uw eigendomsrechten, gebruiksrechten of aanspraken op verdeling verliest.
Gehuwd of wettelijk samenwonend
Voor gehuwden en wettelijk samenwonenden geldt een sterkere bescherming van de gezinswoning. De ene partner kan de woning niet zomaar alleen verkopen, verhuren of met een hypotheek bezwaren zonder de schriftelijke instemming van de andere — ongeacht wie formeel eigenaar is en wie er op dat moment feitelijk verblijft.
Feitelijk samenwonend
Voor feitelijk samenwonenden bestaat die bescherming van art. 215 B.W. niet op dezelfde manier. Daar wordt de discussie praktischer: wie is eigenaar, wie staat op het huurcontract, wie betaalt wat, en welke afspraken zijn bewijsbaar?
Bij conflict: voorlopige maatregelen
Raakt u het niet eens over wie tijdelijk in de woning blijft, dan kan de familierechtbank voorlopige maatregelen opleggen op basis van art. 223 B.W.. De rechter kijkt dan onder meer naar:
- het belang van de kinderen en de feitelijke zorgregeling;
- de financiële draagkracht van beide partijen;
- de praktische woonmogelijkheden van elk van beiden;
- in mindere mate naar wie de woning initieel kocht.
In een **EOT** regelt u dit gelukkig zelf: wie blijft voorlopig in de woning, vanaf wanneer, tegen welke vergoeding en wie betaalt de lasten. Zie ook tijdelijk verblijf.
Huis kopen tijdens de scheiding: kan dat?
Ja, technisch kunt u al een nieuwe woning kopen vóór de echtscheiding formeel is overgeschreven. Maar verstandig is dat niet altijd.
Het grootste probleem is de leencapaciteit. Zolang u nog mede-eigenaar en mede-ontlener bent van de eerste woning, rekent de bank die bestaande schuld mee. Daardoor wordt een nieuwe lening vaak moeilijker of duurder.
Daarnaast speelt het huwelijksvermogen. Bent u nog gehuwd onder gemeenschap van goederen en koopt u tijdens die fase een nieuwe woning, dan kan die aankoop mogelijk nog in de gemeenschap vallen. Dat risico dekt u in via een uitdrukkelijke verklaring van wederbelegging in de aankoopakte, of door te wachten tot na de overschrijving van de scheiding.
De aanbevolen volgorde is meestal:
- eerst regeling van de oude woning;
- daarna desolidarisatie of verkoop;
- pas dan aankoop van een nieuwe woning.
Veel banken willen bovendien het echtscheidingsvonnis of de EOT-overeenkomst zien voor zij finaal beslissen.
Huurwoning bij scheiding (samenvatting + cross-link)
Niet elk koppel bezit een woning. Ook bij een huurwoning zijn goede afspraken nodig.
- Beide partners tekenden het huurcontract: dan blijven in principe ook beide partners gehouden, tenzij de verhuurder akkoord gaat om één naam te schrappen.
- Slechts één partner tekende: juridisch is in principe alleen die partner contractueel gebonden. Maar voor gehuwden en wettelijk samenwonenden geldt art. 215 B.W. ook voor een huurwoning die als gezinswoning fungeert: de ene partner kan dus niet zomaar alleen beslissen.
De **huurwaarborg** moet bij overname vaak worden vrijgegeven en opnieuw worden geregeld — meestal betaalt de blijver de waarborg terug aan de vertrekker en stelt hij of zij een nieuwe waarborg. Dat wordt ook door **notaris.be** toegelicht. Lees de volledige uitleg op huurwoning bij scheiding.
Veelgemaakte fouten bij de afwikkeling van de gezinswoning
- Geen schriftelijke desolidarisatie van de bank. U denkt dat uw ex “de lening overneemt”, maar zonder formeel bankakkoord blijft u mee aansprakelijk én blijft uw eigen leencapaciteit voor een nieuwe woonst geblokkeerd.
- Ten onrechte uitgaan van 1% verdeeltaks. Vooral feitelijk samenwonenden maken hier een dure fout. In Vlaanderen geldt voor hen 2,5%, niet 1%. Op een woning van €400.000 is dat een verschil van €6.000 cash op tafel.
- Schuldsaldoverzekering niet aanpassen. De eigendom wijzigt, de lening wijzigt, maar de polis blijft oud. Dat kan later zware dekkingsproblemen geven of net dubbele onnodige premies kosten.
- Onverdeeldheid onnodig tot 5 jaar beperken. Door de verouderde 5-jaar-mythe leggen koppels zichzelf soms een te korte en onpraktische termijn op, terwijl vrijwillige onverdeeldheid sinds Cassatie 2013 ruimer kan — bijvoorbeeld tot het jongste kind 18 of 25 is.
- Eigen inbreng niet bewijzen vóór akkoord. Zonder bankafschriften, schenkingsakte of notariële vermelding wordt een eigen investering vaak niet meer correct verrekend. Tekent u een EOT zonder deze correctie, dan verliest u dat geld in de praktijk definitief.
- Denken dat notariskosten fiscaal aftrekbaar zijn. Wie de €2.500-€3.500 akte van verdeling in zijn budget plant als fiscaal recupereerbaar, komt achteraf bedrogen uit.
- Geen afspraken over woonvergoeding en lasten tijdens onverdeeldheid. Dan ontstaat bijna automatisch discussie over hypotheek, onderhoud en gebruik van de woning.
Uw woning regelen via EOT-overeenkomst — vanaf €499 excl. BTW
Bij een echtscheiding met onderlinge toestemming (EOT) kunt u de regeling rond de woning vooraf helder vastleggen: verkoop, uitkoop, onverdeeldheid, verhuur, woonvergoeding, hypotheeklasten, timing en notariële uitvoering. Dat voorkomt veel discussie achteraf.
De rechtbank verwacht dat uw regeling duidelijk en uitvoerbaar is. Is ze te vaag, dan kan om bijkomende verduidelijking worden gevraagd. Daarom is een juridisch correct uitgewerkte woningclausule belangrijk.
Regel uw woning via EOT vanaf €499 excl. BTW
Wilt u uw woningafspraken laten nalezen of opnemen in een EOT-traject? Start uw dossier online of plan eerst een vrijblijvend gesprek met onze advocaten.